Blog

HomeBlogArmslag
Terug naar blogoverzicht

Artikel geschreven door: Daan Glorie
“Techniek staat aan de basis van sport”; dat zei ooit de voetballer Johan Cruijff. Deze uitspraak geldt ook zeker voor het zwemmen. In het algemeen bestaat de zwemtechniek van de armen uit 5 onderdelen:

1. Insteekfase
2. Glijfase
3. Trekfase
4. Duwfase
5. Herstel/overhaal fase

Pas als elk onderdeel tot in detail goed wordt uitgevoerd kan men een hoge zwem snelheid ontwikkelen. Elk onderdeel zal ik even kort toelichten.

De Insteekfase

De insteekfase is de fase waarbij de vingertoppen het water raken. Doe dit rustig (niet slaan op het water) en zorg ook echt dat je onderarm het eerste het water in gaat.

De Glijfase

Zwemtechniek - Glijfase
Bij de glijfase is de arm net in het water, waarnaar je de arm uitstrekt om water te gaan pakken. Bij deze glijfase mag je best een beetje leunen op je arm, maar ook niet te veel. Let er echt op dat je glijdt door het water. Ontspanning tijdens de glijfase is zeer belangrijk.

De Trekfase

Zwemtechniek - Trekfase
De trekfase bestaat uit de “catchfase” waarbij je het water pakt met je hand en vervolgens de fase waarbij je jezelf “optrekt” aan het water. Let op je handpositie. Deze is recht (dus geen kommetje met je hand maken). Met een hoge elleboog pak je het water. Topzwemmers hebben hun elleboog bijna evenwijdig aan het wateroppervlak, omdat ze zo de meeste kracht kunnen zetten en dus het snelste zwemmen.

De Duwfase

Zwemtechniek - Duwfase
Bij de duwfase heb je water gepakt en dit water duw je onder je lichaam door naar achter. Je vingertoppen wijzen naar de bodem van het zwembad. Je hand gaat helemaal door tot je heup.

De Herstelfase en de Overhaalfase

Zwemtechniek - Overhaalfase
De herstel en overhaalfase is het rustmoment. Je arm gaat uit het water en je houdt je elleboog in de lucht om te ontspannen. Na de overhaalfase begint heel de armcyclus weer hetzelfde.

 
 
'