Blog

Terug naar blogoverzicht

Artikel geschreven door: Daan Glorie
Elk zwemschema bestaat uit inzwemmen (warming up) en uitzwemmen (cooling down). Zwemschema’s kunnen variëren van opdracht, doel en afstand. Als beginnend zwemmer zal je al genoeg hebben aan een kilometer, maar een geoefend zwemmer kan een training van 5 kilometer aan.

Hierbij enkele voorbeelden van zwemschema’s.

Voorbeeld 1
Inzwemmen: 400 meter inzwemmen (rustig een paar baantjes opwarmen)
10 x 50 meter benen met flippers (start elke 2 minuten)
10 x 100 meter hele slag zonder hulpmiddelen (start elke 4 minuten)
Uitzwemmen: 100 meter rustig een willekeurige slag uitzwemmen
Totaal: 2km

Voorbeeld 2
Inzwemmen: 200 meter rugslag, 200 meter schoolslag en 200 meter borstcrawl
12 x 50 meter borstcrawl (heenbaan tempo, terugbaan rustig zwemmen)
12 x 50 meter schoolslag (let op je beenslag dat je die goed afmaakt)
12 x 50 meter rugslag (let erop dat je hoofd naar het plafond kijkt en dat je beenslag blijft flipperen, dus een op en neer gaande beweging maakt)
Uitzwemmen: 100 meter borstcrawl heel ontspannen
Totaal: 2,4km

Voorbeeld 3
Inzwemmen: 800 meter (naar keuze afwisselen van slag)
100 borstcrawl
200 borstcrawl
300 borstcrawl
200 borstcrawl
100 borstcrawl
(opdracht is om per afstand gemiddeld steeds sneller te zwemmen, dus de tweede 100 sneller dan de eerste, de tweede 200 sneller dan de eerste)
Uitzwemmen: 300 meter beste slag uitzwemmen
Totaal: 2km

Voorbeeld 4
Test: zwem in 30 minuten zoveel mogelijk baantjes! Probeer je energie goed te verdelen en ga dus niet te hard van start! Probeer sneller te zwemmen de laatste 5 minuten als je nog energie over hebt.

 
 
'