Synchroonzwemmen


Geschiedenis synchroonzwemmen

Synchroonzwemmen ontstond ongeveer in 1890. Mensen deden in het water oefeningen om te laten zien hoe lenig ze waren. Dit werd ‘trick’zwemmen genoemd. Er was nog geen muziek bij. Later ging men de zwemfiguren en bewegingen op muziek maken. Het werd toen figuurzwemmen genoemd. Op de wereldtentoonstelling van 1934 was de eerste echte uitvoering voor een groot publiek. Vanaf 1984 is synchroonzwemmen ook te zien op de Olympische Spelen.

Spelregels synchroonzwemmen

Synchroon betekent gelijk. Je probeert gelijk met de muziek en met elkaar dezelfde figuren en bewegingen te maken. Een wedstrijd zwem je solo (alleen), in een duet (met zijn tweeën), in een groep van acht of in een vrije combinatie (met tien personen). Synchroonzwemmen is een jurysport. De jury bepaalt wie er wint. De jury kijkt bijvoorbeeld of de oefeningen goed bij de muziek passen en of iedereen van een team mooi tegelijk beweegt.

Materiaal voor het synchroonzwemmen

Synchroonzwemsters doen een neusklem op of een tomneus in hun neus. Door de klem of tomneus komt er geen water in de neus. Dankzij speciale onderwaterluidsprekers kunnen de zwemmers de muziek ook onder water horen. Bij uitvoeringen of wedstrijden is het belangrijk om er mooi uit te zien. De zwemsters dragen dan mooie badpakken, make-up en vaak iets moois in hun haren.

Trainingen voor het synchroonzwemmen

Tijdens een training oefen je allerlei figuren in het water. De bedoeling is dat je die figuren zo mooi mogelijk kunt uitvoeren. Om de figuren beter te kunnen doen, doe je in een training ook oefeningen om sterker en leniger te worden. Ook leer je drijven, eggbeaten (een soort watertrappen) en heel goed zwemmen in verschillende slagen. Dit is heel belangrijk omdat tijdens de wedstrijden iedereen van een team de slag op precies dezelfde wijze moet uitvoeren. Met speciale ademhalingsoefeningen leer je hoe je steeds langer onder water kunt blijven.

Nederlandse toppers van het synchroonzwemmen

In Nederland hebben we drie nationale selecties. Dit zijn Jong Oranje II, Jong Oranje en de A-selectie. In de A-selectie zitten toppers die zich voorbereiden op internationale wedstrijden zoals Europese Kampioenschappen, Wereldkampioenschappen en Olympische Spelen. Sinds 2009 vormen Nicolien Wellen en Elisabeth Sneeuw het nationaal duet. Zij trainen hard om in 2012 de Olympische Spelen te halen. Op www.nationaalduet.nl kun je onder andere lezen hoe ze dat willen bereiken. Ook zwemmers uit Jong Oranje II en Jong Oranje gaan naar buitenlandse wedstrijden. Op www.knzb.nl/oranje/ synchroonzwemmen kun je zien wie er in de selecties zitten.

Synchroonzwemmen en wedstrijden

Voor je aan wedstrijden mee kunt doen, moet je verschillende diploma’s halen. De diploma’s heten: basis-, zeilboot-, balletbeen-, spagaat- en barracudadiploma. Voor elk diploma leer je meer drijffiguren, zwemslagen en figuren. Ook het zwemmen op de muziek en de lenigheid wordt getest. Voor gevorderden zijn er wedstrijddiploma’s. Je kunt deze diploma’s halen bij zogenaamde techniek- wedstrijden.
Er worden ook vaak demonstraties gegeven. Je krijgt dan geen punten van een jury, maar wel veel applaus van het publiek.

 

Deel deze pagina

 
 
'