Trainingen bij het vinzwemmen – tips en voorbeelden


Trainingen bij het vinzwemmen - tips en voorbeelden

Vinzwemmen is een gezonde sport. Je versterkt de spieren, de conditie wordt verbeterd en het is gewoonweg leuk om te doen. De techniek van de vinzwembewegingen kun je het beste leren met zwemvliezen. De belasting is bij zwemvliezen wat minder groot en het is gemakkelijker om met zwemvliezen weg te zwemmen dan met een monovin. In het begin valt het zwemmen met een monovin tegen. Maar als je de techniek eenmaal te pakken heeft wil je nooit meer iets anders...

Trainingstips voor het vinzwemmen

Als je wilt gaan trainen of vinzwemtraining wilt gaan Vinzwemmengeven, dan hebben we de de volgende tips voor je: Tip 1: Variatie is een belangrijk punt. Doe nooit 2x dezelfde oefening. Variatie zorgt voor een hoger rendement van de training omdat het lichaam iedere keer weer verrast wordt. Als je gevarieerd traint versterkt dit tevens het plezier in het vinzwemmen. Tip 2: Het is duidelijk dat het zwemmen met een monovin een behoorlijke belasting is voor het lichaam. Zwem nooit langer dan 33% tot 50% van de training met een monovin. Vooral vinzwemmers die nog in de groei zijn moeten hier op letten. Tip 3: Een goede zwemoefening is ook de vlinderslag. De vlinderslag is de zwaarste zwemslag; dus zeker goed voor de conditie. Als je de vlinderslag beheerst ben je in het voordeel om de vinzwembewegingen te leren. De beenslag van de vlinderslag lijkt op de vinzwembeweging. Tip 4: Deel de training in blokken in. Een blok zonder vinnen, een blok met stereozwemvliezen en een blok met de monovin. Het trainen op deze manier zorgt voor variatie en zorgt ervoor dat je op een verantwoorde manier zwemt.

Voorbeeld van een training vinzwemmen

Bij deze training wordt de monoslag aangeleerd en/of verbeterd. Inleiding (zonder vinnen) - 4 banen inzwemmen - 8 x 1 baan zwemmen 1. schoolslag 2. op de rug monoslag 3. borstcrawl 4. als een dolfijn en weer bij 1. beginnen. Kern A (met zwemvliezen) - 4 banen met zwemvliezen inzwemmen - 10 x 1 baan 1. op de rug monoslag 2. op de rechterzij monoslag 3. op de linkerzij monoslag 4. onderwater monoslag 5. door hoepel heen zwemmen en weer bij 1. beginnen. Kern B (met zwemvliezen of monovin) - 6 x 2 benen; heen borstcrawl en terug monoslag op de rug zo snel mogelijk - 8 x 1 baan monoslag onder water zo mooi mogelijk. Oneven opbouwend van langzaam naar snel. Even afbouwend van snel naar langzaam Slot (zonder vinnen) - estafette waarbij ook de monoslag weer terug komt. - 4 banen uitzwemmen

 

Deel deze pagina

 
 
'